Almen Zuid II, Laren IV, N 348, Sociaal Cultureel Werk.
Groene Link(je)s
Naar aanleiding van de raadsvergaderingen van 1 december 2008
De startnotities voor Almen Zuid II en Laren IV
Bij de start van een nieuwe woningbouwontwikkeling stelt de raad een startnotie vast. In de startnotitie wordt vastgelegd welke de uitgangspunten zijn voor de nieuwe ontwikkeling en aan welke eisen het nieuwe plan moet voldoen. In beide notities wordt wel opgeschreven, dat duurzaamheid belangrijk is, maar wat dat dan precies is wordt niet uitgewerkt. Het kan gaan om duurzame bouwmaterialen maar ook over duurzame energievoorziening. Maar ook al in het stadium van het stedenbouwkundig ontwerp is duurzaamheid aan de orde. Hoe worden de woningen gesitueerd ten opzichte van de zon, hoeveel ruimte wordt er gereserveerd voor de waterhuishouding e.d. zijn aspecten van stedenbouw. Overigens merkte Hans van Hoorn fijntjes op dat er wat hem betreft niet gesproken kan worden van stedenbouw. De schaal van beide dorpen vraagt om een ander woord.
De N 348
De N 348 blijft de gemoederen bezig houden. In het kader van de procedure voor de omleggingen in Zutphen en Eefde en de ontsluiting van de Mars met een nieuwe brug over het Twentekanaal is er een zogenaamde Corridorstudie verricht. Hoe kan de verkeersafwikkelingen tussen Zutphen en Deventer en dus niet alleen in Zutphen en in Eefde beter geregeld worden? In de Corridorstudie zijn een 10-tal alternatieven bestudeerd en wordt beschreven wat de effecten zijn voor onder andere de verkeersafwikkeling, het leefmilieu, natuur en ecologie. Aan de hand van de effecten is een soort prioriteitenvolgorde opgesteld. Met de studie wil de provincie aantonen dat de omleggingen in Eefde en Zutphen zinnig zijn en toekomstvast en een verdere verbetering niet in de weg staan. Alleen, wanneer gaat de provincie aan de slag met die verdere verbetering? De provincie moet wat dat betreft flink bij de les gehouden worden. Voor Groen Links is het belangrijk, dat betrokkenen intensief betrokken worden bij de verdere uitwerking, hoe moeilijk dat, gelet op de soms tegenstrijdige belangen, ook zal zijn.
Sociaal Cultureel werk: beleidsgestuurde contractfinanciering
Daarmee wordt bedoeld, dat de gemeente niet langer een welzijnsinstelling subsidieert, maar van die instelling een product koopt tegen een overeengekomen prijs. Er ontstaat een relatie van opdrachtgever en opdrachtnemer. De instelling wordt verantwoordelijk voor de exploitatie van de instelling en niet de gemeente. Dit is voor iedereen wennen. De instellingen zullen de bedrijfseconomische kant goed in de vingers moeten krijgen. De gemeente zal moeten leren de kwaliteit van ‘wat wordt gekocht’ goed te toetsen en vertrouwen te hebben in de leiding van de welzijnsinstelling. Twee instellingen lijken de komende jaren moeilijk rond te komen. Marijke Visschedijk bepleitte sterk om als raad afstand te houden. Laat de instellingen eerst zelf naar oplossingen zoeken, zo nodig met hulp van het college. Alleen op die manier krijgt de ontvlechting een kans.
Arda van den Brink, GroenLinks Lochem