Aanhoudende zorgen Berkel

Twee weken geleden brak de persleiding voor afvalwater bij Lochem, waardoor dagenlang 400.000 liter per uur vervuild water de Berkel in stroomde. De gevolgen voor het leven in en om de Berkel waren desastreus. Het lek is gedicht en het waterschap is bezig met het opruimen van de schade, maar onze zorgen zijn niet voorbij. Welke schade is er aangericht? En hoe groot is de kans dat in deze relatief nieuwe leiding (vijf jaar oud) opnieuw een breuk ontstaat?

GroenLinks heeft in het weekend na de breuk vragen aan het college gesteld. De antwoorden op deze vragen zijn onderaan dit bericht terug te lezen. Natuurlijk zijn we blij dat het lek gedicht is, maar er blijven vragen openstaan.

Vervuiling

Om het vervuilde water niet langer de Berkel in te laten stromen heeft het waterschap een stuk land laten overstromen. Het betreft een voormalig baggerdepot dat tussen de Berkel en het Twentekanaal ligt en dat jaren door Rijkswaterstaat gebruikt is. Tegenwoordig is het gebied onderdeel van het Gelders natuurnetwerk en vooral een belangrijk gebied voor vogels. Hoewel het gebied omringt wordt door dijken sijpelt veel van het opgeslagen water door de dijken naar omliggende slootjes en beekjes. Bovendien slaat het waterschap hier nog een deel van het opgestuwde en vervuilde water op de Berkel op.  GroenLinks maakt zich vooral zorgen over het bodemleven in het depot. Vogels zijn weggevlogen, maar de planten en insecten zijn begraven onder een dikke laag vervuild slib.

Pijpleiding

Een tweede zorg is wat GroenLinks betreft de kwaliteit van de persleiding. Deze leiding is vijf jaar geleden aangelegd en ligt diep onder de grond. Twee weken geleden is er een lek in ontstaan en hoewel het gedicht is, roept dat wel vragen op. Hoe groot is de kans dat de pijpleiding ook op andere plekken breekt? Is het mogelijk om een leiding die zo diep onder de oppervlakte ligt te controleren? De oorzaak van de breuk is nog niet vastgesteld, hopelijk brengt onderzoek snel duidelijkheid.

In de komende maanden zullen er op verschillende niveaus onderzoeken en evaluaties gehouden worden. Voor GroenLinks is het van belang dat hier lessen uit getrokken worden en dat we in de tussentijd proberen de natuurschade zoveel mogelijk te beperken. We volgen de zaak nauwkeurig.

Beantwoording vragen

Vorig weekend stelde GroenLinks vragen aan het college. Hieronder kunt u de antwoorden op deze vragen lezen.

1. Behalve eiwitten zitten er ook reinigingsmiddelen in het afvalwater. Welke zijn dat precies en wat doen deze middelen met de waternatuur?

De hoofdbestanddelen van het restwater zijn water (o.a. spoelwater), melkbestandsdelen (o.a. water, eiwit, suiker) en verdunde concentraties chemicaliën. De belangrijkste chemicaliën zijn verdunde salpeterzuur en verdunde natronloog. De chemicaliën worden gebruikt voor reinigingsprocessen met een concentratie van 1%. Dat betekent dat slechts 1% van de reinigingsvloeistof uit deze chemicaliën bestaat. In het restwater verdund zich deze concentratie tot een restconcentraties kleiner dan 0,1%. De schoonmaakmiddelen hebben gelet op hun zeer lage concentratie geen rol van betekenis.

2. Wat veroorzaakt de dood van de vissen: de verteerde melkresten, de temperatuur van het afvalwater of de reinigingsmiddelen?

Oorzaak van de vissterfte is het eiwitgehalte in het water. Voor de afbraak van deze eiwitten is veel zuurstof nodig. Gevolg is dat al het zuurstof dat in het water aanwezig is, verbruikt wordt bij de afbraak van deze eiwitten wat leidt tot zuurstofloosheid met als gevolg vissterfte.

3. Nu wordt het vervuilde water opgevangen in enkele bassins, kan de verontreiniging vanuit het bassin naar het grondwater en ook weer naar De Berkel stromen? En wat is het effect op het bodemleven en het grondwater, wat betekent het voor de volksgezondheid en de omgeving?

De ODA is vanaf het begin van het vinden van de lekkage betrokken als toezichthouder bodembescherming. Op de locatie van de lekkage zal na afloop bodemonderzoek gedaan worden naar de gevolgen van de lekkage. Hieruit moet blijken of er stoffen zijn achtergebleven in de bodem, welke gevolgen deze stoffen hebben en of bodemsanering noodzakelijk is. Hetzelfde geldt voor het slibdepot van Rijkswaterstaat. Ook hier zal, nadat het afvalwater is afgevoerd, bodemonderzoek verricht worden onder toezicht van de ODA. Het organisch materiaal (eiwitten en verdunde schoonmaakmiddelen) van het proceswater blijft in de toplaag van het depot achter en zal daarmee geen extra vervuiling voor het grondwater zijn. Er zijn geen risico’s voor de volksgezondheid.

4. In de Stentor stond een getal van 400.000 liter per uur aan lozing van afvalwater. Klopt dit getal en wordt die hoeveelheid nog steeds geloosd?

Er wordt maximaal 400m3/uur geloosd door de beide fabrieken van FrieslandCampina. FrieslandCampina heeft zich medio vorige week maximaal ingespannen om de hoeveelheid proceswater te reduceren. Beide fabrieken hebben de productie teruggeschroefd en onderdelen die veel restwater gebruiken, waar mogelijk, stilgelegd. Nu de bypass is gerealiseerd en er geen aanvullende ecologische schade meer optreedt, wordt er weer ongeveer 400m3/uur geloosd. 

5. Het advies is om het vee en honden niet bij het water te laten. Wat betekent dat voor de in het wild levende dieren zoals reeën en vogels, als zij er van drinken?

Het drinken vanuit de Berkel door wild heeft naar verwachting geen negatief effect op de wildstand

6. Wordt er met de doorgaande lozing niet in strijd met de milieuwet gehandeld?

Het is een noodmaatregel om de calamiteit en de verdere verontreiniging van het watersysteem (milieu) te voorkomen / beheersbaar te houden.

7. Heeft FrieslandCampina een calamiteitenplan voor dit soort situaties? Kan de melkaanvoer tijdelijk naar andere locaties worden verplaatst en daar worden verwerkt?

FrieslandCampina beschikt over een calamiteitenplan. Het calamiteitenplan wordt elk jaar bijgesteld naar aanleiding van de georganiseerde oefeningen. In de huidige situatie heeft FrieslandCampina zijn productie geminimaliseerd en sommige onderdelen stilgelegd om daarmee de hoeveelheid restwater te verminderen.